Zoals ik in mijn vorige webpost heb geschreven zijn Marta, mijn vertaalster, en ik de dinsdagnamiddag naar Sahakok afgezakt om aanwezig te zijn bij de herdenking en de herbegrafenis van de vader van Santiago. Tegen de vooravond kwam de pick-up van de FAFG (forensische equipe) aan met drie lijkkistjes. Twee ervan behoorden toe aan families in Copala-Nueva Esperaza, een dorp van retornados (Guatemalteken die tijdens de oorlog naar Mexico zijn gevlucht en daar enkele jaren in kampen hebben geleefd) op een half uurtje van Sahakok. Zij werden diezelfde avond nog begraven.
De twee mannen van de forensische equipe werden bij gestaan door 2 mensen van de slachtofferorganisatie FAMDEGUA en 2 mensen van de maya organisatie Saq'be die n normaal gezien instaat voor psychosociale hulpverlening (alhoewel ik daar niets van gemerkt heb!).
Het werk dat deze organisaties verrichten is fantastisch, maar ik vond het triest te moeten vaststellen dat geen enkele van deze 6 mensen één woord q'eqchi' sprak.
De overdracht van de lijkkisten ging gepaard met een vrij technische uitleg over de juridische procedure, de obstakels bij het openbaar ministerie ... zelf ik snapte het niet allemaal.
Ik heb dan maar Marta, mijn vertaalster, de opdracht gegeven om alles goed te vertalen, zodat de familieleden toch
De dag nadien, toen al die mensen reeds vertrokken waren, hoorde ik van Santiago dat hij geen enkel document of certificaat had ontvangen van de FAFG of FAMDEGUA dat bewees dat zij het dossier van de opgraving en de forensische analyse hadden ingediend bij het Openbaar Ministerie in Cobán. Niemand heeft hem zelfs ingelicht wat de eindconlusie van de forensische analyse was!!!
Aiaiai, de opvang en de opvolging van de familieleden laat dus in de praktijk heel wat te wensen over!
Santiago is niet enkel een dag kwijt om over-en-t'weer te reizen naar Cobán maar ook nog eens 80 quetzal voor het vervoer. En dat in de veronderstelling dat het Openbaar Ministerie hem diezelfde dag nog helpt ... wat meestal niet het geval is!
De familie Chen was voor deze bijzondere gebeurtenis opnieuw verenigd ( vier broers en 3 zussen) en hadden gekozen om een Christelijke woorddienst te houden en daarna een nachtwake. De dag erop zou de vader begraven worden in het Campo Santo van het dorp.
Het onthaal van het lijkkistje in de ermita van Sahakok verliep heel ingetogen en met veel respect. Je voelde zo het verdriet en de pijn van de familieleden, maar de opluchting. Eindelijk is de vader weer thuis.
Die ingetogenheid stond in fel contrast met het lawaai dat het muziekbandje van de ermita produceerde tijdens de woorddienst. Het dorp heeft recentelijk nieuwe geluidsboxen aangekocht die volgens mij in totaal zo'n 2000 watt produceren. Sahakok en omstreken zullen zéker gehoord hebben dat er een woorddienst begonnen was. Sebastian, zo heette de vader, zal ook geweten hebben dat hij terug thuis was.
Na de woorddienst werd iedereen aanwezig uitgenodigd voor een traditionele q'eqchi' maaltijd: verse kippensoep, cocoadrank en tamales. De families heeft die nacht gewaakt bij de lijkkist en wij zijn gaan slapen in het huis van Santiago.
De ochtend nadien vertrokken we met enkele ouderlingen te voet naar het Campo Santo van Sahakok dat op een half uurtje wandelen ligt van het centrum van het dorp.
Het lijkkistje werd af en toe van drager gewisseld want ... mas aal! het weegt behoorlijk ... zo'n 30 kilo!
De familie had reeds voordien een plaats gegraven voor de kist. Maar alvorens de kist in het graf te leggen, werd er door een ouderling toelating gevraagd aan de Tzuultaq'a om de grond te gebruiken. Daarna werd de grond gezegend met wierook en voedsel (kippenbout, tortilla en een beetje boj en rum).
Het was een begrafenis in besloten kring. En bij de familieleden kwamen er opnieuw heel wat emoties los. Voor Santiago betekende dit het eindpunt van een lange strijd om zijn vader op een waardige manier te begraven. Na meer dan 20 jaar kreeg Sebastian een waardige rustplaats. Maar Santiago is de man van de stille en krachtige strijd. Na de begrafenis vertelde Santiago dat die ochtend vroeg een oudere man in witte kledij in een visoen hem naderbij was gekomen met twee veladores (grote kaarsen in glas), één voor zijn vader en één voor zijn moeder. Hij interpreteerde dit visoen als dat hij nu ook op zoek moest gaan naar de resten van zijn moeder en opnieuw een opgraving moest aanvragen. Santiago's strijd is nog niet gestreden!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten